De Noord-Germaanse talengroep, ook Noordse of Scandinavische talen genoemd, is vijfledig en vormt een subgroep van de Germaanse talen. Deze talen worden door ongeveer 20 miljoen mensen gesproken en omvatten naast het Noors, Deens, Zweeds en IJslands ook het Faeröers. Rond het begin van de christelijke jaartelling splitste het Noord-Germaans zich af van het West-Germaans. Sindsdien hebben vijf dialecten zich op zeer diverse manieren ontwikkeld tot de talen die vandaag worden gesproken.